Labyrint

In deze komkommertijd vermaken wij ons met allerlei zaken. Eén daarvan is het met de kinderen een tijdje doorbrengen in een doolhof. In een doolhof moet je een weg zien te vinden naar een bepaald punt (meestal het midden). Dat gaat niet eenvoudig want je moet zoeken. Bepaalde wegen lopen dood of je komt weer terug op een punt waar je eerder was. Je hebt dan het enge gevoel dat je bent verdwaald en er nooit meer uitkomt. Vermaak en spanning gaan samen, zoals in een achtbaan of spookhuis.
 
Meditatie
Een labyrint is geen doolhof hoewel het vaak ermee wordt verward. Een labyrint kent maar één weg die je moet volgen naar het centrum. Niks zoeken gewoon volgen. Niet het middelpunt maar het afleggen van een spirituele weg is de essentie van een labyrint. Als je een labyrint van boven aandachtig bekijkt, zie je dat de route soms linksom gaat dan weer rechtsom, heel dicht bij de kern komt om er vervolgens weer verder van af te gaan om tenslotte toch in het midden te eindigen. Elk ruimte binnen een labyrint is bedekt met de te volgen weg. Je bent overal geweest want er zijn geen open plekken behalve het midden.
Het lopen van een labyrint is een manier om even helemaal alleen met je eigen thema’s bezig te zijn of om tot rust en ontspanning te komen. De eerste afbeeldingen van het klassieke labyrint zijn minstens 3500 jaar oud en komen in alle religies voor. Door de eeuwen heen werd het naast meditatie ook gebruikt als ritueel bij de veranderingen van het seizoen of van iemands levensfase. Beroemd is het labyrint in de kathedraal van Chartres in Frankrijk. (zie afb.)

Het labyrint is uit de Griekse mythologie bekend omdat Deadalus, nadat hij de Minotaurus had verslagen, zijn weg terug kon vinden dankzij de draad die Ariadne hem had gegeven. Eigenlijk is dit dus géén labyrint maar een doolhof anders had hij die draad niet nodig gehad.
We dragen ons eigen labyrint altijd bij ons. Kijk maar naar je vingertop.

Reageer